{"id":1488,"date":"2021-05-31T13:53:30","date_gmt":"2021-05-31T13:53:30","guid":{"rendered":"http:\/\/profadvanwijk.com\/?page_id=1488"},"modified":"2021-05-31T13:53:30","modified_gmt":"2021-05-31T13:53:30","slug":"waterstof-voor-gebouwverwarming-naar-500-000-woningen-op-waterstof-in-2030","status":"publish","type":"page","link":"https:\/\/profadvanwijk.com\/archive\/waterstof-voor-gebouwverwarming-naar-500-000-woningen-op-waterstof-in-2030\/","title":{"rendered":"Waterstof voor gebouwverwarming &#8211; Naar 500.000 woningen op waterstof in 2030"},"content":{"rendered":"\n<p>Uit meerdere studies komt naar voren dat waterstof in veel gevallen een goed alternatief is voor<br>gebouwverwarming. Als gerekend wordt met de integrale ketenkosten (alle kosten die in het land en<br>achter de voordeur gemaakt moeten worden), is groene\/blauwe waterstof op een prijsniveau dat in<br>2030 al haalbaar kan zijn (3,6 \u20ac\/kg), vermoedelijk de meest kosteneffectieve oplossing voor 2\/3 &#8211; 3\/4<br>van de Nederlandse gebouwen. En het is niet onwaarschijnlijk dat de groene waterstofprijs in de<br>decennia daarna nog halveert. De snelheid waarmee grootschalige waterstoftransportinfrastructuur<br>en -productiecapaciteit ontwikkeld kan worden is limiterend voor de snelheid waarmee<br>waterstofverwarming kan worden ingevoerd.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2Technisch gesproken is verwarming met waterstof geen probleem. HR CV ketels op waterstof zijn<br>inmiddels met succes in praktijksituaties getest, en hoeven bij massaproductie niet veel meer te gaan<br>kosten dan bestaande HR CV ketels. Zulke CV ketels kunnen ook in combinatie met een kleine<br>warmtepomp worden ingezet in energiezuiniger hybride systemen. Er zijn geen aanwijzingen dat<br>waterstof minder veilig is dan aardgas. Omdat het gas zo licht is en dus snel opstijgt is het lastig een<br>brandbaar mengsel te krijgen. En er kan bij waterstofverbranding geen koolmonoxide gevormd<br>worden. Tot in de jaren zestig van de vorige eeuw hadden we in Nederland stadsgas met 50%<br>waterstof. Miljoenen inwoners van Hong Kong zijn nog steeds aangesloten op zulk stadsgas.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 Bestaand beleid, met inbegrip van het Klimaatakkoord, richt zich op maatregelen tot 2030, waarmee<br>de CO2 uitstoot voor gebouwverwarming met 1\/3 moet worden teruggebracht. 2\/3 van die reductie<br>moet gaan komen uit besparing op de warmtevraag (isolatiemaatregelen), 1\/3 uit de installatie van<br>warmtepompen en nieuwe aansluitingen op warmtenetwerken, die ingevoed worden met<br>duurzamere warmte. Ongeveer 25% van de Nederlandse gebouwen zal dan met een duurza(a)m(er)<br>verwarmingssysteem zijn uitgerust. De verduurzamings-opgave betekent dat tussen 2020 en 2050<br>1500 woningequivalenten per dag moeten worden aangepakt.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 Waterstof speelt in deze plannen nog geen rol, en een strategische doorkijk naar de periode 2030-<br>2050, waarin nog 2\/3 van de CO2 emissiereductie gerealiseerd moet worden, ontbreekt vooralsnog.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 Voor groen gas uit biomassa zien we op de langere termijn geen belangrijke rol voor<br>gebouwverwarming. Zolang we nog aardgas transporteren kan groen gas (dat vermoedelijk een met<br>waterstof vergelijkbare energieprijs heeft in 2030) worden bijgemengd in het gasnet. Maar als<br>CO2 schaars is geworden in een duurzame samenleving, zullen de industrie en de glastuinbouwsector<br>hierom vragen. Het omzetten van biomassa naar waterstof en CO2, die gescheiden getransporteerd<br>worden naar verschillende afnemers, is een veel logischer route, die ook meer financi\u00eble waarde<br>toekent aan biomassa.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 Na 2030 komen nieuwe, lastige uitdagingen op. Gebouwverwarming is in belangrijke mate<br>verantwoordelijk voor de grote nationale energievraag in de winter. Duurzame energie zal hiervoor in<br>grote hoeveelheden moeten worden opgeslagen en getransporteerd. Er zijn technische installaties<br>nodig om daar weer bruikbare energie (elektriciteit of warmte) van te maken, ook als de zon niet<br>schijnt en het niet waait. Waterstof is bij uitstek geschikt om hiervoor de rol van aardgas over te<br>nemen. Ondergrondse opslag (in zoutkoepels of lege gasvelden) is goed en kosteneffectief mogelijk,<br>en het bestaande gastransportnet kan betrekkelijk eenvoudig naar waterstof worden omgebouwd.<br>Ons gasnet heeft tien- tot twintigmaal de transportcapaciteit van ons elektriciteitsnet.<\/p>\n\n\n\n<p><br>\u27a2 De haalbaarheid van het reduceren van de warmtevraag met 25% voor 2030 is twijfelachtig. Er zullen<br>daarvoor tenminste 5,2 miljoen woningequivalenten met energielabel C en hoger tot energielabel B<br>moeten worden ge\u00efsoleerd (ruim 2000 woningequivalenten per dag), als de theoretische voorspellingen <br>van de energiebesparing kloppen. Maar er zijn serieuze aanwijzingen dat de werkelijke<br>besparing slechts de helft daarvan bedraagt. Ook is isolatie een kostbare maatregel. We schatten de<br>nationale kosten op 350-980 \u20ac\/ton CO2 besparing, afhankelijk van de feitelijk gerealiseerde<br>energiebesparing. Dat is een hoog bedrag in vergelijking met de kosten van de industri\u00eble<br>CO2 besparing. Hoewel isolatie nodig is om tot 2030 significante stappen te maken, roept dit de vraag<br>op hoever je met isolatie moet gaan en of je niet sterker moet inzetten op versnelde introductie van<br>duurzame verwarming.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 Hybride warmtepomp-CV ketelcombinaties geven een bescheiden meerprijs, omdat ze ongeveer 40%<br>op de energievraag van een HR CV ketel besparen. De gasvraag daalt met circa 50% en de<br>warmtepomp vraagt 10% van de oorspronkelijke hoeveelheid energie. Ze stellen minderstrenge eisen<br>aan het isolatieniveau van een gebouw dan de (duurdere) all electric warmtepompen, en hebben geen<br>vloerverwarming nodig. Ook is de belasting van de elektriciteitsnetwerken kleiner dan bij de all electric<br>warmtepomp, omdat de gasketel op de piekmomenten bijspringt. De overheidskosten<br>(belastingderving door een lager energiegebruik en compensatie voor gelijkblijvende woonlasten)<br>worden geraamd op \u20ac 250\/jaar, wat neerkomt op CO2 reductiekosten van circa 200 \u20ac\/ton CO2.<br>Significant lager dus dan de gemiddelde kosten van isolatiemaatregelen voor woningen met<br>energielabel C en hoger tot energielabel B. Benodigde, kleine, warmtepompen kunnen bij bestaande<br>CV ketels geplaatst worden, of uiteraard samen met een CV ketel worden ge\u00efnstalleerd op natuurlijke<br>vervangingsmomenten. Jaarlijks worden 450.000 CV ketels verkocht \u2013 waarmee deze maatregel een<br>grote potentie heeft tot 2030.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 Hybride systemen hebben een brandbaar gas nodig voor de CV ketel. Waterstof kan ervoor zorgen dat<br>hybride systemen op termijn niet vervangen hoeven te worden door alleen een all electric<br>warmtepomp, en dat ze dus ook op de lange termijn een aantrekkelijk alternatief blijven. Het is sterk<br>aan te raden om voor CV ketels (al of niet in hybride systemen) te gaan eisen dat ze geschikt zijn voor<br>de omschakeling naar waterstof, waar ook in het Verenigd Koninkrijk voor gepleit wordt. Met<br>voldoende marktvolume moet de meerprijs gering kunnen worden.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 Naast kosteneffectiviteit, zijn hybride systemen ook aantrekkelijk om gebouwen flexibeler te maken<br>voor hun elektriciteitsvraag bij een wisselend duurzaam aanbod, omdat er speelruimte is in de<br>verhouding tussen de gas\/waterstof- en elektriciteitsvraag. Dit wordt van belang voor de<br>kostenbeheersing en flexibiliteit van de elektriciteitsvoorziening, zowel ten aanzien van de<br>infrastructuur als van levering van elektriciteit op piekmomenten.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 Als brandstofcellen, die waterstof in elektriciteit en warmte omzetten, op grote schaal beschikbaar<br>gaan komen is de verwachting dat die voor enkele honderden euro\u2019s in een woning geplaatst kunnen<br>worden. Dit betekent dat gebouwen bij hoge elektriciteitsprijzen (de nationale vraag is groter dan het<br>actuele aanbod) zelf elektriciteit uit waterstof kunnen gaan produceren, en de vrijkomende warmte<br>nuttig gebruiken. Gastransport naar de steden volstaat dan om die steden ook van elektriciteit te<br>voorzien. 7 miljoen brandstofcellen van 3 kW kunnen evenveel elektriciteit leveren als alle bestaande<br>elektriciteitscentrales bij elkaar. Hier ligt een belangrijke potentie voor elektriciteitsproductie op<br>windstille dagen in de winter, met minimale consequenties voor het elektriciteitsnetwerk.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 Deze systeemvoordelen van waterstof komen bij de al gunstige vooruitzichten van kosteneffectiviteit<br>voor verwarming en zullen bij toekomstige analyses meegenomen moeten worden.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 Bij vertrouwen in een beeld dat de aansluiting van een belangrijk deel van de gebouwde omgeving na<br>2030 op waterstof (mogelijk 6-8,5 miljoen woningequivalenten) een rationeel pad is, is het verstandig<br>al tot 2030 een concrete aanpak te ontwikkelen.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 De overheid kan hiermee een waterstof afnamegarantie cre\u00ebren, die investeringszekerheid biedt voor<br>waterstofproducenten en voor de producenten van waterstof CV ketels, hybride systemen en (op<br>termijn) stationaire brandstofcellen in woningen.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 Bestaande pilot- en demonstratiewijken voor waterstofverwarming met CV ketels en hybride<br>systemen, als in Stad aan \u2019t Haringvliet en Hoogeveen, dienen met kracht gestimuleerd te worden.<br>Met zulke pilots moet halverwege de jaren twintig voldoende vertrouwen en ervaring zijn opgedaan<br>voor een transitiepad naar waterstoftoepassing voor ruimteverwarming. Parallel is aandacht nodig<br>voor aanpassing van de wet-, regelgeving en normstelling, de rolverdeling van partijen, voor de<br>opleiding van technici, enzovoort.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 De vermoedelijke oplevering van de Gasunie waterstofbackbone in 2026 geeft kansen om<br>nabijgelegen buurten op waterstof aan te sluiten. Een eerste inschatting laat zien dat 500.000<br>woningequivalenten dan een redelijk doel zou zijn. De waterstofpiekvraag in de winter vraagt dan 10%<br>van de backbone leidingcapaciteit.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 Bij de oplevering van deeltrajecten van de waterstofbackbone voor 2026, kunnen belendende<br>woonwijken voor aanvullende demonstratiedoeleinden wellicht al met hybride waterstofsystemen<br>worden uitgerust.<\/p>\n\n\n\n<p>\u27a2 De gemeenten zouden samen met de netbeheerders een plan kunnen ontwikkelen om tussen 2026<br>en 2030 elk jaar gemiddeld zo\u2019n 125.000 woningequivalenten om te schakelen van aardgas naar<br>waterstof, in het kader van de collectieve aanpak warmtewet.<\/p>\n\n\n\n<div class=\"wp-block-file\"><a href=\"http:\/\/profadvanwijk.com\/wp-content\/uploads\/2021\/05\/Waterstof-voor-de-gebouwde-omgeving-14_05_2021.pdf\">Lees het volledige rapport<\/a><a href=\"http:\/\/profadvanwijk.com\/wp-content\/uploads\/2021\/05\/Waterstof-voor-de-gebouwde-omgeving-14_05_2021.pdf\" class=\"wp-block-file__button\" download>Download<\/a><\/div>\n\n\n\n<p><\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Uit meerdere studies komt naar voren dat waterstof in veel gevallen een goed alternatief is voorgebouwverwarming. Als gerekend wordt met de integrale ketenkosten (alle kosten die in het land enachter de voordeur gemaakt moeten worden), is groene\/blauwe waterstof op een prijsniveau dat in2030 al haalbaar kan zijn (3,6 \u20ac\/kg), vermoedelijk de meest kosteneffectieve oplossing voor [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":2,"featured_media":0,"parent":0,"menu_order":0,"comment_status":"closed","ping_status":"closed","template":"","meta":{"footnotes":""},"class_list":["post-1488","page","type-page","status-publish","hentry"],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/profadvanwijk.com\/archive\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/1488","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/profadvanwijk.com\/archive\/wp-json\/wp\/v2\/pages"}],"about":[{"href":"https:\/\/profadvanwijk.com\/archive\/wp-json\/wp\/v2\/types\/page"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/profadvanwijk.com\/archive\/wp-json\/wp\/v2\/users\/2"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/profadvanwijk.com\/archive\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=1488"}],"version-history":[{"count":1,"href":"https:\/\/profadvanwijk.com\/archive\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/1488\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":1489,"href":"https:\/\/profadvanwijk.com\/archive\/wp-json\/wp\/v2\/pages\/1488\/revisions\/1489"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/profadvanwijk.com\/archive\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=1488"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}