Hysolar start productie groene waterstof op terrein KWR

Op het terrein van KWR Water Research Institute in Nieuwegein wordt volgend jaar een begin gemaakt met de productie van groene waterstof. Doel is om jaarlijks 250 ton waterstof te produceren, vertelt Jos Boere, directeur van Allied Waters, spin-off van KWR en initiatiefnemer van Hysolar, het bedrijf dat de groene waterstof op het KWR-terrein gaat maken.

Jos BoereGroene waterstof ontstaat door elektrolyse waarbij water met zogeheten groene elektriciteit wordt gesplitst in waterstof en zuurstof. Voor dat proces is een elektrolyser nodig, die op het terrein van KWR wordt geplaatst. De energie wordt betrokken van een veld met zonnepanelen nabij de KWR-locatie, vertelt Boere. De restwarmte die vrijkomt gaat naar een industriële wasserij. De bouw van de productie-installatie, deels gefinancierd door het Europese LIFE Project, vergt een investering van 3 miljoen euro, aldus de directeur van Allied Waters.

De geproduceerde waterstof wordt geleverd aan het waterstoftankstation in Nieuwegein dat sinds juni in gebruik is en afgelopen vrijdag officieel werd geopend. Het station wordt geëxploiteerd door Hysolar, dat naast Allied Waters in aannemingsbedrijf Jos Scholman een tweede initiatiefnemer heeft en sinds de oprichting in 2019 met de Van Kessel Groep en Scholt Energy er twee strategische partners bij heeft gekregen.

De provincie Utrecht wil zich profileren met een netwerk van waterstofhubs voor mobiliteit en logistiek, wat afgelopen juli werd bekrachtigd met de ondertekening van het mede door KWR ontwikkelde ‘Convenant waterstof in mobiliteit provincie Utrecht’. Zo werd afgesproken dat tot 2025 5 tot 10 waterstoftankstations worden gerealiseerd in de provincie. In Nieuwegein staat de eerste.

Gezuiverd effluent
Onder de vlag van Hysolar Innovatie & Advies voert Allied Waters studies uit en levert advies rond toepassingen van groene waterstof, bijvoorbeeld voor de gebouwde omgeving en voor scheepvaart. Het is de bedoeling om de in Nieuwegein opgedane kennis verder uit te dragen, vertelt Boere. Zo wordt ook gekeken naar de mogelijkheid om bij de productie van waterstof gebruik te maken van gezuiverd effluent uit rwzi’s in plaats van demiwater. Ook is de omvorming van biogas uit slibgisting in waterstof een optie die interessant kan zijn voor de watersector, aldus Boere.  

Voor de afzet van de groene waterstof wordt vooralsnog gemikt op zware voertuigen als vrachtwagens, bussen en werktuigen, maar ook wordt de binnenvaart als belangrijke afzetmarkt gezien. Zeker ook omdat Nederland veel binnenvaartschepen telt. Boere: “40 procent van de binnenvaartschepen in Europa vind je in Nederland. Dat is een grote sector met een grote emissiefactor.”

Tot dusverre wordt op het tankstation in Nieuwegein vooral waterstof geleverd aan zware voertuigen. De afname is sinds juni groter dan verwacht, vertelt Boere. Het tankstation krijgt nu nog waterstof geleverd door de firma HyGear uit Arnhem. Boere: “Daar willen we zo snel mogelijk vanaf. We willen met lokaal opgewekte stroom, lokaal waterstof produceren. Als we op volle capaciteit zitten, dan kun je met 250 ton waterstof 750 auto’s of 25 bussen jaarrond laten rijden.” 


Diedrik Samsom 900

DIEDERIK SAMSOM: ‘1 MILJOEN TON WATERSTOF IN 2024 IS MAAR EEN BEGINNETJE’

De opening van het tankstation in Nieuwegein werd onder meer opgeluisterd met een inleiding van Diederik Samsom, kabinetschef van Frans Timmermans bij de Europese Commissie en een van de architecten van het klimaatplan Fit for 55, het Europese pakket aan maatregelen om de uitstoot van broeikasgassen met 55 procent te verminderen in 2030.

In zijn toespraak ging Samsom in op de waterstofstrategie, als onderdeel van de Europese klimaatplannen, de inbreng van hoogleraar Ad van Wijk (TU Delft/KWR) in de waterstofstrategie van de EU, de gasprijscrisis en de betekenis van waterstofinitiatieven zoals in Nieuwegein.

Samsom trapte af met de schets hoe de Europese waterstofstrategie is onstaan: “Al heel snel lag het plan op mijn tafel: er moet een waterstofstrategie komen. Ik dacht: wat moeten we nu gaan doen? Toen kreeg ik een telefoontje van Ad van Wijk. Hij begon het gesprek met: weet je wat jij moet gaan doen? Je moet een plan maken met 2 x 40 gigawatt aan waterstof voor 2030. Waarom 2 x 40 gigawatt? 1 x in Europa en 1 x aan de randen van Europa, dan denk je aan Noord-Afrika. Dan denkt u misschien: de Europese Commissie gaat dat idee helemaal tot op de draad uitzoeken, of de lidstaten er wel mee eens zijn, et cetera. Nee. We hebben de ambitie 2 x 40 gigawatt gewoon neergelegd. Zo simpel is het soms. Een goed idee belandt in een grote waterstofstrategie.

1 miljoen ton waterstof
Daarmee was het niet af. 2030 is ver weg. We wilden ook voor 2024 een doelstelling hebben: 1 miljoen ton waterstof. En voor de productie van 1 miljoen ton waterstof in Europa heb je 4 gigawatt aan electrolysers nodig, zo hadden we bepaald. Twéé dagen voordat we de hele strategie zouden gaan lanceren, belt Ad van Wijk en die zegt: ik weet niet wat jullie hebben gedaan, maar 4 gigawatt is helemaal niet genoeg, daar maak je geen 1 miljoen ton waterstof mee. Sommetje gemaakt, en inderdaad: dat was niet genoeg. Om toch op die 1 miljoen ton uit te komen is toen in 5 minuten besloten om van 4 naar 6 gigawatt te gaan. De ambitie in 2024 is dus 6 gigawatt. Onverantwoorde ambitie? Misschien is dat wel zo, maar ik weet wel dat het nodig is. Die 1 miljoen ton waterstof is maar een beginnetje.

Toen we die 6 gigawatt hadden opgeschreven, stond die op geen enkele manier in de boeken van de grote bedrijven in Europa. En sinds we de waterstofstrategie hebben neergelegd, zien we de een na de ander binnenkomen. Zo werkt het ook met overheidsbeleid. Doordat het er staat, denken heel veel bedrijven: we gaan onze investeringsplannen nog eens bekijken. Zo komen we langzaam maar zeker bij die 6 gigawatt. En ik denk dat het lukt.

Coronacrisis
Maar toen kwam de eerste test, de coronacrisis. Ik wanhoopte enigszins. Was er eindelijk een visie met een stip op de horizon en dan komt er iets langs, de coronacrisis, waar alle politici zich op storten, waar al het geld naar toe gaat, met als gevolg dat je nooit meer iets hoort van die prachtige vergezichten.

In 2008 zag je het met de An Inconvenient Truth van Al Gore. In de VS deed het niets, maar Al Gore begeesterde wel de Europeanen en de Europese leiders: klimaatverandering moest de grootste urgentie zijn. Die plannen werden ook gemaakt, maar de inkt was nog niet droog en Lehman Brothers ging failliet. Alle aandacht ging vervolgens uit naar de financiële crisis en van An Inconvenient Truth is niet veel meer vernomen.

Dus ik vreesde in maart 2020 dat dat nog een keer ging gebeuren: alle aandacht, alle geld, alle politieke kapitaal, gaat naar de coronacrisis en we horen niets meer van de Green Deal. Dat is níet gebeurd. Het omgekeerde gebeurde, we hebben 750 miljard euro investeringsgeld toegevoegd aan het plan van de Green Deal om de economie te herstellen. Als je de economie weer opbouwt na de coronacrash, dan kun je dat maar beter in een keer groen en duurzaam herbouwen. De logica die in 2009, 2010 niet opging, gaat dus nu wel op.

En het grote verschil tussen toen en nu is de technologie. In 2008 was net de eerste elektrische auto op de markt, een opgevoerde invalidewagen met een actieradius tot aan het tuinhek. Je had windmolens, die draaiden met 16 cént per kilowattuur subsidie. 16 cent! Als je de hele energievoorziening in Nederland wil verduurzamen met 16 cent per kilowattuur, dan kost dat 17 miljard euro per jaar. Dat verschil van toen met nu, met de nieuwe technologieën, is állesbepalend.

Hoge gasprijs
Nou ja, de échte test, daar zitten we nu middenin: de gasprijs. Het tekort aan gas en daardoor enorme hoge prijzen – als politici ergens zenuwachtig van worden dan is het hoge prijzen voor brandstof. Je hebt maar twee redenen voor revolutie: hoge broodprijzen en hoge energieprijzen, dan komt het volk in opstand. Deze crisis is dus misschien bedreigender dan corona, ook voor wat we met de Green Deal willen.

Dé reactie op hogere olieprijzen was tot dusverre altijd eenvoudig: op zoek naar nóg meer olie. Je kon er lekker mee verdienen en we hadden een tekort, dus. Stel, dat doen nu weer… Deze crisis is echt een crunch time als het gaat om de transitie. De vraag is: kunnen we erin slagen om ook nu een andere reactie dan normaal te bewerkstelligen? We zagen het drie weken geleden in de Europese Commissie al aankomen. We zaten in een soort van war room bij elkaar om te kijken: wat gaan we doen? De discussie ging over: bel de Noren maar, die hebben altijd veel voorraad fossiele brandstof. Trouwens, er werd ook nog even gezegd: bel de Nederlanders maar.

Toen kon ik iets vertellen wat 5 jaar geleden volstrekt onmogelijk was, namelijk: als je alle plannen voor off-shore wind op de Noordzee van Duitsland, de Denen, de Britten, de Noren en de Nederlanders bij elkaar neemt, dan kunnen we het vermogen aan duurzame energie produceren dat we nu nodig hebben. En als we dat omzetten in waterstof dan heb je dezelfde orde grootte aan gas die we nu tekortkomen door deze gascrisis. Sterker nog: je hebt veel meer. Ofwel: voor het eerst in de geschiedenis van de olie- en gascrises heb je nu de mogelijkheid om een alternatief te laten zien wat serieus mogelijk is.

En nu komt het erop aan: zijn we in staat om snel extra vermogen aan duurzame energie neer te zetten, de waterstofproductie daaraan te koppelen en te integreren in onze huidige energievoorzieningen, zodat we daarmee de volgende energiecrisis vóór zijn.

Daarmee kom ik terug bij de ambitie van 2 x 40 gigawatt in 2030 en dit project in Nieuwegein. Dit is een voorbeeld waarvan er miljoenen moeten komen in Europa de komende 5 à 10 jaar. Dit is het begin van iets heel moois. Het moet in de praktijk gebeuren.”DE WATERSTOFSTRATEGIE VAN DE EUROPESE UNIE IN 3 FASEN- Van 2020 tot 2024 ondersteunt de Europese Commissie de installatie van ten minste 6 gigawatt aan groene waterstofelektrolyse in de EU en de productie van maximaal 1 miljoen ton groene waterstof.
– Van 2025 tot 2030 moet waterstof een intrinsiek onderdeel worden van het energiesysteem, met ten minste 40 gigawatt aan hernieuwbare waterstofelektrolysers en de productie van maximaal 10 miljoen ton groene waterstof in de EU.
– Van 2030 tot 2050 moeten groene waterstoftechnologieën tot volle ontwikkeling komen.

Bron: H20waternetwerk

Koplopers Nederland Waterstofland

Het Nederlands bedrijfsleven kiest voor het versnellen van de waterstofeconomie. Voor de werkgelegenheid, voor de economie én voor het klimaat.
Meer dan 80 Nederlandse bedrijven hebben de handen ineengeslagen en zich verenigd in de gelegenheidscoalitie Koplopers Nederland Waterstofland. De coalitie bestaat uit bedrijven uit de hele waterstofketen én daarbuiten: producenten, industrie, mobiliteit, techniek en advies. Van innovatieve startups tot grote multinationals, zij formuleerden elk een individueel commitment. De verzameling hiervan ligt nu voor u, het ‘Waterstof-commitments Bidbook’.

Een boek vol toewijding, concrete plannen, projecten en investeringen om te laten zien dat het bedrijfsleven van waterstof in Nederland een succes gaat maken.

Het bidbook toont een uniek overzicht van nieuwe waterstofprojecten en concrete plannen van bedrijven:
• Dieselaggregaten en machines op aardgas worden in dit bidbook omgebouwd tot mini-elektrolysers, waterstofaggregaten en -machines. In te zetten bij festivals, bouwprojecten, op campings, in fabrieken van koekjes, brood en meer. Alles plug and play.
• Bedrijven die hun schepen, vrachtwagens, zware bedrijfswagens en personenauto’s willen vervangen voor transport op waterstof; bedrijven die deze voertuigen leveren én bedrijven die de tankinfrastructuur hiervoor aanleggen en de waterstof leveren;
• De aanleg en aanpassing van offshore windparken, van grootschalige ondergrondse infrastructuur en specifieke installaties bovengronds. Van wind op zee naar waterstofgebruik achter de voordeur van een industriebedrijf of woning;
• De bouw van waterstoffabrieken en elektrolysers bij industrie- en chemiebedrijven om in de toekomst de CO2-uitstoot te verminderen.

Handreiking en oproep aan de overheid
Tegelijkertijd is dit Bidbook concrete handreiking en oproep aan de overheid als onmisbare schakel in de waterstofketen: willen we niet achteropraken bij onze economische en klimaatdoelen en bij de ontwikkelingen van de landen om ons heen, dan moeten we nu opschalen aan zowel de vraag als de aanbodkant. Laten we gezamenlijk aan de slag gaan. We hebben alles in huis: de kennis, ervaring, ligging én bedrijven. Samen maken we Nederland Waterstofland!
Namens de Missie H2 initiatiefnemers, Gasunie, Toyota (Louwman Group), Groningen Seaports, Remeha, Shell, Stedin Groep en Port of Amsterdam
Koplopers Nederland Waterstofland

Wienerberger Annual Report contribution

Tailwind for Hydrogen. Hydrogen – a substance with a future

“THERE IS NO ALTERNATIVE TO GREEN HYDROGEN”

Professor van Wijk, green hydrogen is regarded as the key to the energy system of the future. What is it that makes this gas so special?

Van Wijk: There are two main reasons why green hydrogen is important. First of all, renewable energies are normally produced in regions where demand is low. Take the example of offshore wind parks. Hydrogen is an excellent and inexpensive storage medium for the transport of electricity to consumers around the world. It can also be imported at low cost. Second, green hydrogen can be used directly, for instance as truck fuel, in industrial processes, and to heat buildings.

Transport, industry, buildings: Green hydrogen is used for decarbonization in many areas. Where do you see its greatest potential?

Van Wijk: There is great potential in all these areas: For example, if processes in the chemical industry are to be decarbonized, there is no alternative to green hydrogen, be it for the produc- tion of fertilizer or plastics. Interesting projects have also been launched in the steel industry. In Austria, for example, hydrogen is used in steel production.

Which role do you think green hydrogen will play in achieving the EU’s climate neutrality target by 2050 and the targets of the Paris Climate Agreement?

Van Wijk: By 2050, green hydrogen must have become an essential part of the energy mix, which I think will consist of 50% electricity, mainly from solar and wind power, and 50% hy- drogen. We must not forget that green hydrogen is produced from clean electricity. The energy system will be electricity-based, but part of the renewable energy will be converted into hydrogen for transport and storage reasons.

A massive increase in the use of green hydrogen is part of the EU’s strategic vision. What needs to be done to reach this goal?

Van Wijk: Currently, hydrogen accounts for 2% of the global energy consumption. The primary sources of energy are fossil fuels, such as natural gas. However, things are beginning to change. Five years ago, nobody would have thought that we would be able to transport renewable energy all over the world, simply because it was so expensive to produce. Today, the cost of solar and wind energy has decreased drastically. On average, the most cost-efficient options are roughly between 1 and 2 cents per kilowatt hour. This is the reason why green energy is becoming more and more relevant.

Now the time has come for the next step: There are regions on this planet, such as the Sahara Desert, that have enormous potential for renewable energy. This resource must be tapped in the coming years. We have to abandon the idea of generating renewable energy solely in our immediate environment.

What will be needed in the upcoming years in terms of political conditions and technological developments?

Van Wijk: As a professor at a university of technology, I can tell you that the necessary tech- nology has already existed for 100 years. However, electrolyzers are currently being used for the production of chlorine from salt dissolved in water. We have to adapt them specifically for hydrogen production. And we have to convert the existing natural-gas infrastructure to an in- frastructure for hydrogen. That’s not something a company can do; it’s a task to be taken on by governments. Now is the time to do it, given the need to stimulate the economy after the Covid-19 pandemic.

What is your personal vision of the energy system of the future? What are your hopes and expectations?

Van Wijk: We still have great challenges ahead of us. I am currently involved in the European Union’s work on hydrogen legislation. If we deal with hydrogen merely in a subparagraph of major energy regulations, there will never be a system change. Apart from the energy targets, we also have to bear in mind the opportunities offered by green hydrogen. For example, step- ping up the production of hydrogen in Northern Africa will create jobs and generate economic growth. This could be a way to reduce emigration from that region. Europe, for its part, has the potential to become the global leader in industrial electrolysis. If we succeed in creating the appropriate political framework for these developments, a sustainable energy future will come within reach.

https://www.wienerberger.com/en/annual-report.html#!/en/WkMlnB9q/tailwind-for-hydrogen/?page=1

De 10 Waterstof / the 10 hydrogen commitments

De 10 waterstof commitments van Nederland

  1. Wij zullen waterstof liefhebben gelijk wij ook elektriciteit lief hebben.
  2. Wij zullen onze bedrijven én consumenten toegang en recht geven op waterstof.
  3. Wij zullen schone waterstof gelijk behandelen naar gelijke koolstofinhoud.
  4. Wij zullen onze windrijke wateren ruimhartig openstellen voor grootschalige waterstofproductie .
  5. Wij zullen, zonder onderscheid van herkomst, schone waterstofimport ten volle stimuleren.
  6. Wij zullen onze gasinfrastructuur, opslagfaciliteiten, tankinfrastructuur en havenfaciliteiten ruimhartig
    en spoedig geschikt maken voor waterstof.
  7. Wij zullen onze elektriciteit- en waterstofsysteem intelligent koppelen teneinde eenieder altijd en
    overal van schone energie te kunnen voorzien.
  8. Wij zullen het toepassen van schone waterstof voor iedereen bespoedigen en stimuleren via belonen
    en beprijzen, via quota en caps.
  9. Wij zullen schone waterstof productie, transport, vraag, innovatie en bedrijvigheid ruimhartig
    financieel ondersteunen voor een schone, gezonde en krachtige economie, werkgelegenheid, milieu
    en leefomgeving.
  10. Wij zullen ons gezag doen gelden om zo spoedig mogelijk waterstof wettelijk te verankeren en de
    transitie naar waterstof voortvarend te regiseren.

English

  1. We shall love hydrogen as we love electricity.
  2. We shall give our companies and consumers access and rights to hydrogen.
  3. We shall treat clean hydrogen equally according to equal carbon content.
  4. We shall generously open our windy waters to large-scale hydrogen production.
  5. We shall, without distinction of origin, fully stimulate clean hydrogen imports.
  6. We shall generously and soon make our gas infrastructure, storage facilities, fuelling infrastructure
    and harbour facilities suitable for hydrogen.
  7. We shall intelligently link our electricity and hydrogen system in order to provide everyone with clean
    energy anytime, anywhere.
  8. We shall accelerate and stimulate the application of clean hydrogen for everyone through rewards
    and pricing, through quota and caps.
  9. We shall generously financially support clean hydrogen production, transport, demand, innovation
    and business for a clean, healthy and powerful economy, employment, nature and living
    environment.
  10. We shall exercise our authority to legally anchor hydrogen as soon as possible and energetically
    direct the transition to hydrogen.

https://www.missieh2.nl/nieuws/waterstofketen-moet-sneller-volwassen-worden-vindt-brede-coalitie-van-bedrijven/

Webinar Veilige Energietransitie: Waterstof

Tijdens de webinar nam lector Energie- en transportveiligheid Nils Rosmuller samen met een aantal gasten de kijkers in anderhalf uur mee. Ad van Wijk van de TU Delft nam de kijkers mee in de grote lijn van energietransitie in Nederland, en de cruciale rol van waterstof als transport- en opslagmedium daarin. Bart Vogelzang van Alliander maakte duidelijk op welke wijze waterstof getransporteerd en gedistribueerd wordt, en vertelde  welke veiligheidsaspecten daaraan verbonden zijn. Projectmanager Wim Hazenberg van Stork ging vervolgens in op het gebruik van waterstof in de gebouwde omgeving. Tot slot vertelden Dirk van Dijken en Niels Westra van Veiligheidsregio Drenthe hoe ze in hun regio  vanuit risicobeheersing te werk gaan, nu er een complete wijk op waterstof wordt aangesloten. De webinar werd afgesloten met een paneldiscussie met alle deskundigen. Ook werden er vragen beantwoord in de chat.

Verbindende rol

“‘We willen bekendheid geven aan nieuwe vormen van energie. Daarom maken we deze serie van minicolleges om verschillende partijen kennis te geven over welke rol zij hebben en wat het betekent voor de veiligheid. Juist door de verschillende betrokken partners met elkaar te verbinden en met elkaar in gesprek te gaan over de veiligheidsaspecten in verschillende schakels van de waterstofketen, kunnen we grote stappen voorwaarts zetten”, vertelt Rosmuller.